Ik heb vorige week de documentaire Inside Job (http://www.theotherschoolofeconomics.org/?p=2499) van Ferguson gekeken en het houdt me bezig. Het verontrust me dat er mensen op invloedrijke posities zitten en kapitalen verdienen en toch zich blijkbaar niets aantrekken van de effecten die ze creëren. Ze kunnen ook niet zeggen dat ze het niet wisten als in een documentaire helder uitgelegd  wordt wat er aan de hand is. Ze kunnen natuurlijk wel zeggen dat het niet klopt. En misschien klopt de documentaire niet geheel maar de essentie valt niet te ontkennen, namelijk dat de banken teveel vrijheid hebben gekregen en dat de banken die vrijheid koste wat het kost (zelfs een financiële mondiale crisis met alles wat erbij hoort) willen behouden. En voor we het vergeten ‘banken’ zijn concrete mensen, individuen van vlees en bloed, die kinderen hebben en die wij kunnen aanspreken.

Het meest onregelende van de documentaire was voor mij misschien dan ook dat ook wetenschappers van Harvard betrokken lijken te zijn. Voor geld schrijven ze ‘wetenschappelijke en onafhankelijke’ artikelen die het systeem bekrachtigen in plaats van ter discussie stellen.  De Universiteit van Harvard! Het instituut waar ik nog van dacht dat het wat voor stelt. Nog een desillusie erbij.

Wat kan je er aan doen? In Synchronocity lees je het verhaal van Joseph Jaworski die met dezelfde vraag worstelde. De oplossing die hij zag was het oprichten van een instituut dat leiderschapsprogramma’s verzorgt (American Leadership Forum). Zijn programma is er op gericht dat leiders leren dat alles met alles samenhangt en dat o.a. echt contact met elkaar hebben via een echte dialoog een grote verandering kan brengen. Als invloedrijke mensen dit inzicht krijgen gaan ze zich anders gedragen. Zich meer rekenschap geven van het totaal in plaats van alleen een deeltje. Precies het omgekeerde van wat er in Inside Synchronicity: The Inner Path of LeadershipJob getoond wordt. Ik kan me er dus ook helemaal in vinden. Het Consulaat richt zich eigenlijk op hetzelfde. Wij denken dat onze beste bijdrage is het organiseren van gesprekken waarin mensen die dingen tegen elkaar durven zeggen die ze normaal niet durven zeggen maar die wel noodzakelijk zijn om zaken te verbeteren.

Tegelijkertijd heb ik 3 zonen. En ik realiseer me met de dag beter, dat het ontwikkelen en uitvoeren van een leiderschapsprogramma minder impact heeft op de langere termijn op de wereld dan het goed opvoeden en begeleiden van je eigen kinderen. Maar een leiderschapsprogramma ontwikkelen en daarmee aanzien verwerven is wel leuker! En betaald beter! Gezien de verhalen om me heen van de kinderen die bij ons spelen, heb ik sterk de indruk dat maar weinig mensen dit op die manier zien of willen zien. En dat begrijp ik ook goed.  Niet iedereen heeft de intrinsieke interesse voor leiderschaps- en opvoedingsvraagstukken. En bovendien, en dat is misschien veel relevanter, je hebt er niet altijd zin in. Het is gewoon heel hard werk en niet 1 jaar maar 18 jaar (of langer). Maar het is zo hard nodig. Want wat voor leiders krijgen we als ouders verbeten strijd voeren tijdens hun scheiding? Of als ouders zich in bijzijn van de kinderen geheel laten gaan met alcohol (en zelfs dronken met het kind naar huis rijden?). Wat voor leiders krijgen we als de vader zich niet bemoeit met de opvoeding van de moeder (uit respect en uit loyaliteit voor de moeder) terwijl het kind zich daardoor onrechtvaardig behandeld en eenzaam voelt? Of als de ouder steeds subtiel laat merken dat hij of zij zich ergert aan de kinderen en daarmee zegt dat ze niet deugen? Ik heb het dan niet over incest en fysieke mishandeling maar al die dingen die we dagelijks geneigd zijn te doen uit irritatie, uit onwetendheid of uit moeheid. Waarbij we ons vaak onvoldoende realiseren hoeveel macht wij als ouders hebben en hoe weinig de kinderen.

Pim en ik hebben door bewust te kiezen nu voor een sabbatical de tijd en vooral de aandacht om ons op de jongens te richten. En dan nog voelt het opvoeden en begeleiden vaak als heel hard en vervelend werk. Ik heb het dan niet over het overhoren van Franse woordjes. Maar bijvoorbeeld over het begeleiden van de jongens bij hun steeds terugkerende ruzies. Het aanspreken van de jongens als ze hun spullen niet opruimen en het dagelijks op tijd zorgen voor eten en alle andere structuur die je moet volgen. En natuurlijk, dat is het zwaarst, je voorbeeldrol: niet doen wat je wilt dat zij niet (gaan) doen. Ik snap heel goed dat dit voor veel mensen teveel gevraagd is. Zeker als je ook nog een zware baan hebt en zelf een vervelende jeugd hebt gehad. Je moet dus wel heel erg bevlogen zijn om met aandacht op te voeden. Toch hoop ik dat veel mensen die bevlogenheid wel hebben, omdat we daarmee leiders krijgen die wel de goede beslissingen durven nemen en oplossingen vinden voor de steeds lastigere vraagstukken in de wereld.